11 Dingen die ik over mezelf leerde in Indonesië

anto op gili air

Afgelopen dinsdag kwam ik terug uit Indonesië en man man, wat heb ik genoten van deze reis. Alhoewel ik van tevoren een beetje mijn bedenkingen had over Indonesië als bestemming, ben ik nu helemaal om en kan ik niet wachten tot ik ooit weer eens terug kan gaan. Tijdens deze reis was ik regelmatig alleen en dat gaf me de mogelijkheid heel veel na te denken over mijzelf en mijn leven. Bij deze 11 dingen die ik over mezelf leerde tijdens mijn reis door Indonesië:
 

1. Slapen in een vliegtuig: ik kan dat!

Als ik maar moe genoeg ben, is slapen in een vliegtuig absoluut geen probleem voor mij. Afgelopen zomer sliep ik op de reis van Seattle naar Amsterdam bijna de beide volledige vluchten en hetzelfde gold voor mijn reis naar Bali. En … beide keren zonder een slaappil in te nemen. Ik zie vanaf nu dus niet meer op tegen lange vliegreizen! De terugreis was trouwens een ander verhaal, maar toen zat ik niet aan het raam (mijn favoriete plekje) en hadden we non-stop turbulentie. Ik ga er vanuit dat het op mijn vlucht van komende week naar Kathmandu beter is. #FingersCrossed
 

2. Ik hou niet zo van boten

Boten zijn zeg maar niet echt mijn ding. Ik nam de boot van Bali naar Gili en door naar Lombok, maar de zee was vrij ruig en dus gingen we behoorlijk op- en neer. Zo niet tof. Gelukkig had ik alle keren een pilletje tegen zeeziekte ingenomen en werd ik niet misselijk, maar ik zag best wat groene mensen voorbij lopen. Op de terugweg naar Bali besloot ik dan ook lekker het vliegtuig te nemen van Lombok terug. In 20 minuten was ik weer terug op Bali. Beste keus ever!
 
Wel op de boot? Check dan de blog van Jessica over haar bootreis tussen Flores en Lombok!
 

3. Alleen reizen is leuk, maar niet te lang

Ik vind het niet erg om alleen te reizen, maar niet te lang please. Er waren dagen dat ik niemand sprak en dat was prima, maar uiteindelijk vond ik het heerlijk om af en toe gewoon Nederlands te kunnen praten met een bekende. Zo reisde ik een tijdje met instagrammer Marieke, zag ik medeblogger Lotte in Jimbaran en bracht ik de laatste week van mijn reis door met mijn vriendin Chantal die ik inmiddels al bijna 20 jaar ken. Daarnaast merkte ik dat ik na een aantal weken best moe werd van het kennismaken met nieuwe mensen. Het standaard praatje ‘hi, who are you, where are you from and how long have you been here?’ kwam me op een gegeven moment echt mijn strot uit. In Canggu trok ik veel met dezelfde personen op, waardoor ik daar even aan ontsnapte. Voor velen is nieuwe mensen leren kennen een hoogtepunt van de reis, maar ik had er de energie niet elke keer voor. Saai hè?
 

4. Ik ben slecht in afdingen

Ik ben slecht in afdingen en ik vind het ook niet leuk. Ik snap dat sommigen er een sport van maken, maar ik kan me vaak niet meer druk maken om die ene euro, vooral als het om een iets hoger bedrag gaat. Tijd is ook geld en een half uur dimdammen over een euro vind ik echt vet zonde van mijn tijd. Ik probeer het uiteraard gewoon wel steeds netjes te doen (dus je kunt je ‘je verziekt de markt door niet af te dingen’ opmerkingen voor je houden) zoals van mij verwacht wordt als toerist, maar een hobby gaat het niet worden.
 

5. Digital nomad op mijn manier

Ik merk dat reizen en werken voor mij maar beperkt samen gaan. Ik zit dan eenmaal op een fijne bestemming en dan wil ik daar ook van genieten, in plaats van de hele tijd achter mijn laptop zitten. Omdat ik een aantal opdrachten heb die voor het einde van de maand af moeten, zit ik per dag enkele uren achter mijn Macbook. Echter moet ik mezelf daar wel echt toe zetten en heb ik soms nog het idee, dat ik te weinig tijd heb om dingen te zien … het zal denk ik ook een kwestie van wennen zijn. Uiteindelijk werk ik liever vanuit huis zodat ik me volledig kan focussen op de dingen die ik wil doen.
 

6. Ik kan prima zonder alcohol

Ik geef niks om bier en de wijn op Bali was niet te drinken en/of asociaal duur. Ik heb ook twee keer een cocktail genomen, maar ook die zijn behoorlijk aan de prijs (lees: iets van 5 euro, oftewel net zo duur als een maaltijd). Dat was het me niet waard en dus nam ik ‘s avonds bij het eten meestal gewoon een fruitsapje in plaats van alcohol. En dat beviel me prima, uiteindelijk dronk ik een paar weken geen alcohol. *Aanvulling: ik schreef dit voordat ik Bintang Radler ontdekte toen ik met oud-collega Kim bij Finn’s Beach Club in Canggu was. Daarna heb ik geen dag meer zonder gedaan. Neem het bovenstaande dus met een korreltje zout …
 

7. Ik kan heel goed niks doen

Alhoewel jullie wellicht anders denken (vooral mijn vrienden en vriendinnen, ja ik zwaai naar jullie!) ben ik er hier achter gekomen dat ik prima kan niksen. Gewoon een uur op mijn veranda zitten, beetje hangen, dromen, dutten … het lukte best. Om dan vervolgens tijdens de zonsondergang te denken ‘goh, alweer geen productieve dag gehad’. Het kostte even wat tijd om het voor mezelf acceptabel te maken maar nu denk ik meer ‘fuck it, ik heb aan niemand verantwoording af te leggen’. Heerlijk!
 

8. Ik kan prima zonder snoep

In Nederland heb ik soms gigantisch vreetbuien, vooral chocola en koekjes zijn dan favoriet. In Indonesië had ik daar totaal geen behoefte aan. Ik at slechts drie maaltijden per dag en nam tussendoor af en toe een verse vruchtensap. Dat was meer dan genoeg om me op de been te houden. Plus het was veel te warm om te snoepen.
 

9. Ik word niet compleet hysterisch als ik een slang zie …

Op een dag zat ik lekker op mijn veranda te werken met mijn laptop op schoot toen ik vanuit mijn ooghoek ineens iets zag bewegen op het muurtje boven mij. Een klein geel kopje stak boven de muur uit. Ik stond op en zag … een SLANG! Ik haalde een paar keer diep adem, keek nog een keer goed en dacht toen ‘okee, die moet weg!’. En heel beheerst ben ik toen naar de receptie gelopen met de vraag of ze hem weg wilden halen. Geen huilbui, geen gegil, geen hysterie. Overigens bleek het geen slang maar een tokeh te zijn, een gekko. Zijn pootjes zag ik later pas, toen ik op de stoel stond om een foto te maken. Ik denk dat ie er nog steeds zit nu. En dat we vriendjes zijn. Op mijn laatste dag in Ubud kwam ik trouwens een echte slang tegen. Ik stapte er bijna bovenop. En nee, ook toen ben ik niet weggerend. Ik riep alleen maar duizend keer OH MY GOD! en heb er zelfs nog foto’s van gemaakt. Op naar de volgende 36 jaar zonder slangen!
 

10. De warmte is fijn maar doe mij maar kou

Dit gaat niemand van jullie begrijpen maar … ik heb de kou enorm gemist. Yes, ik vind de warmte fijn en ik heb het in vier weken slechts twee keer koud gehad (op de top van Mt Batur en tijdens de trekking naar Mount Rinjani) maar ik kan er niet zo goed tegen. Mijn longen hebben moeite met de luchtvochtigheid en mijn conditie is gewoon slecht. ‘s Avonds koelt het niet af en ik sliep soms slecht vanwege de aanhoudende hitte. Zelfs als het geregend heeft, blijft het benauwd in Indonesië. Doe mij dus maar de kou en dan met name: de frisse lucht. Kom maar op met die kou in Nepal volgende week!
 

11. Het échte backpacken ben ik wel verleerd

Veertien jaar geleden maakte ik mijn eerste backpackreis (Australië) en nu ik dus een heel stuk ouder en wijzer ben, heb ik me gerealiseerd dat het échte backpacken zoals ik toen deed, niet meer zo mijn ding is. Hostels laat ik liever voor wat ze zijn, ik betaal liever iets meer voor een hotelkamer (of straks in Nieuw-Zeeland ga ik lekker kamperen). Ik hoef niet zo nodig feestjes af te lopen, ultra-budget te reizen of uit een rugzak te leven. Ik heb namelijk de afgelopen vijf jaar altijd met een duffel gereisd en ben daar zo aan gewend geraakt, dat ik het leven uit een backpack nu gewoon niet fijn meer vond. Dus op mijn komende reizen gaat die duffel gewoon weer mee. Ook had ik het geduld niet meer zo voor bussen, treinen en boten, ik reis toch liever met een eigen vervoersmiddel (lees: auto). Dat hangen in zo’n busstation, wachtende tot de bus ein-de-lijk gaat, nah… ik geef tegenwoordig de voorkeur aan de vrijheid om te gaan en staan waar ik wil, ook al is dat dan iets duurder.
 
Dat waren ze, elf dingen die ik over mezelf heb geleerd in Indonesië. In een dikke maand reisde van Bali naar Gili Air naar Lombok en weer terug naar Bali. Wat vinden jullie van het bovenstaande, onzin of is het voor sommigen herkenbaar? Laat het me weten in de comments!
 
Meer lezen? De volgende blogs vind je ook vast leuk:
Is Bali veilig ondanks de Agung vulkaan?
De beklimming van Mount Rinjani: van hel naar hemel en weer terug
Waarom je NU naar Sidemen op Bali moet
 
Benieuwd wie ik ben? Check dan mijn bio! Volg me voor een dagelijkse dosis outdoor & adventure inspiratie op Instagram en Facebook!
 
Dank je voor het delen!
 

Related Posts